Een superleuke moeder. Die vertelde over haar superleuke, lieve jonge kind. Maar. Te vaak, tijdens het avondritueel (oh, wie herkent die momentjes niet—zachte haartjes, warme pyjamaatjes… zó schattig), deed hij ineens onaardig, lusiterde niet en kon naar haar schelden. Ze voelde zich gefrustreerd en gekwetst. Boos worden wilde ze niet, dat helpt je kind immers niet verder. En jezelf ook niet. Maar ja, hoe voorkom je dat hij dit ook bij anderen gaat doen? Wat zullen die überhaupt wel niet denken?
Focus op wat je wél wilt – en dat is écht te doen hoor!
Tijdens onze sessie legde ik uit dat focussen op wat je niet wilt, juist zorgt voor méér van datzelfde. Dat is de Wet van Aantrekking: waar je aandacht naartoe gaat, dat groeit.
Ok, om het concreet te maken, gebruikte ik het voorbeeld: “Kijk om je heen naar alles wat rood is.” Daarna sluit je je ogen en noem je alles wat blauw is. Bijna onmogelijk, want je brein was alleen gefocust op rood.
Zo werkt het ook met ongewenst gedrag: hoe meer je je ergert, hoe meer ruimte het inneemt in je hoofd. En hoe vaker en intenser dit dit ervaart.
Je emoties ben je niet: hoera!
De leuke moeder merkte dat ze het schelden van haar kind heel persoonlijk nam. We stonden uitgebreid stil bij haar gevoelens: hoe oneerlijk het voelde en hoe het haar eigenwaarde raakte. Door die emoties even rauw te laten bestaan – zonder ze te veroordelen- ontstond ruimte. Ze besefte: “Ik bén niet mijn emoties, ik kán ze waarnemen, de ruimte geven én loslaten.”
De kracht van ‘spaceholder’ zijn
Door zichzelf niet langer als ‘probleemdrager’ te zien, werd ze als het ware een ‘spaceholder’ voor haar kind. Ze gaf hem de vrijheid te zijn wie hij is, met álle uitingen, zonder dat het haar persoonlijk raakte. En dat had direct effect:
- Het schelden nam snel af.
- Ze bleef veel kalmer.
- Haar zoon voelde zich veiliger en zocht minder de strijd op.
Meer ruimte voor groei
Dit laat zien hoe krachtig loslaten kan zijn. Het gevecht tegen ongewenst gedrag wakkert dat gedrag juist aan. Door te erkennen wat er is, in plaats van er krampachtig tegen te vechten, geef je jezelf én je kind méér ademruimte. En in die ruimte ontstaan alleen maar mooie dingen: plezier, rust, begrip en echte verbinding.

